De Ontwerpgids Sociale Kwaliteit Rijnhaven, opgesteld door Harmen Van De Wal (Krill Office for Resilient Cities and Architecture), Bram van Ooijen (UFO urbanism), Simone Tax en Maurice Boumans (Gemeente Rotterdam), benoemt een terugkerend probleem in hedendaagse hoogbouw. De geleidelijke overgang tussen anonieme stad en privéwoning ontbreekt vaak. Daardoor blijft het dagelijks wonen sneller anoniem en ontstaan minder vanzelfsprekende ontmoetingen.
De gids positioneert sociaal duurzame hoogbouw als een verticale buurt met drie schaalniveaus die elk een eigen type gebruik en privacy kennen. Stad als publiek domein in het gebouw, zoals passage of plint waar diversiteit en anonimiteit normaal zijn. Buurt als parochiaal domein waar gezichten bekend worden en sociale controle kan werken, met ook ruimte voor bezoekers. Straat als kleine collectieve eenheid vergelijkbaar met een woonhofje, waar een beperkte groep eigenaarschap kan voelen en informele interactie kan ontstaan.
Sociale interactie wordt niet afgedwongen, maar wel gefaciliteerd via ontwerp. De gids werkt dat uit als een privacy script, waarbij ongeschreven regels leesbaar worden gemaakt met ruimte, zichtlijnen en overgangszones. Denk aan een nis bij de voordeur voor personalisatie of aan voldoende breedte in gangen zodat buren elkaar kunnen passeren zonder ongemak, inclusief aandacht voor de Shy Away Distance langs wanden.
Opvallend is de vertaling naar meetbare eisen. Minimaal 2 procent van het totale bruto vloeroppervlak wordt bestemd voor ruimte voor sociale kwaliteit, met de mogelijkheid dit te verhogen tot 5 procent, ten koste van niet woonprogramma. De gids maakt ook scherp wat wel en niet meetelt. Gratis toegankelijke collectieve ruimten tellen mee, commerciële of betaalde functies niet. Dit dwingt tot niet commerciële investeringen in de woonomgeving en tot keuzes in routing en programmering, zoals strategisch geplaatste wasruimte, pakketpunt of gedeelde keuken op dagelijkse looplijnen.
[Tekst Remco Deelstra, strategisch adviseur wonen at Gemeente Leeuwarden]





The “plinths” of the city are the ground floors that negotiate between the inside and the outside, between the public and the private: this is the city at eye level. Plinths are extremely important for the urban experience, which in turn is an important driver for the urban economy. The plinths might cover only 10% of the building, but determine 90% of the experience.
2017 is het jaar van de woonwolkenkrabber. Tal van nieuwe torens, waaronder de hoogste van de stad, zullen dit jaar in aanbouw gaan, of worden op dit moment ontwikkeld. Het 
